Diep triest

Diep triest. Dat zijn de woorden dat mij de afgelopen maanden het meest hebben geraakt. Ik kreeg een tweet binnen nadat ik een nieuwe blog online had gezet. Daarin vroeg de persoon achter de tweet zich af of ik wist dat ik diep triest schreef. Diep triest betreft mijn woordkeuze bedoelde hij daarmee.

Ik kan mij niet herinneren dat ik me zo geraakt voelde door twee woorden. Diep triest zei iets over mij als mens zijnde vond ik. Over wie ik ben en wat ik kan. Dat raakte me enorm. Ik ben mijn hele leven al erg onzeker over mezelf. Dit maakte het er niet beter op.

Mijn ouders zijn niet hoog opgeleid. We hadden het niet breed thuis. Ik heb LEAO gedaan en ik ben op mijn zestiende daarom gelijk gaan werken. Studeren werd niet eens over nagedacht. Ik heb altijd hard gewerkt. Zonder hoge opleiding kwam ik toch steeds aan een baan. De bazen waar ik voor gewerkt heb waren vaak zeer tevreden over mij als werknemer.

Op een bepaald moment ging ik de rijinstructeuropleiding doen. Van de 28 mensen in mijn groep voor de opleiding was ik één van de eersten die het diploma behaalden.  Ook betreft andere cursussen die ik de afgelopen jaren heb gedaan kwam ik er steeds heel goed uit.

Al jaren zet ik mij in voor mens en dier. Ik probeer te helpen waar ik kan. Alles wat ik deed of doe viel ineens weg door de tweet met de woorden “diep triest” erin.  Diep triest. Diep triest was hoe ik mij voelde.

Ik heb een paar dagen nodig gehad om mezelf weer opgepept te krijgen. Om me weer zekerder te voelen. Dat het okay is hoe ik ben. Dat mijn manier van schrijven zo is. Ik heb nu eenmaal geen gigantische woordenschat. Het heeft me een paar dagen gekost om me te realiseren dat mijn woordenschat niets te maken heeft met wie ik ben. Dat mijn woordenschat niets te maken heeft met mijn zijn. Dat ik mag zijn wie ik ben en dat het goed is.

De overbuuf

De overbuuf woonde alleen. Ik zag haar heel af en toe buiten strompelen over haar pad. Ze was al over de 85. Op een dag kwam ik met haar in gesprek. Ze vertelde dat ze pas gevallen was en ze uren in de schuur had gelegen voor iemand haar had gevonden. Gunst wat had ik met het oude mensje te doen. Ik bood haar aan om af en toe te komen helpen. Ook gaf ik mijn tel nummer zodat ze kon bellen als er iets was.

Ik kwam steeds vaker bij de overbuuf. Niet omdat het zo gezellig was want de overbuuf was niet gezellig. Ze was hard en kil en had geen humor. Ze rookte een pakje sigaretten per dag. Als je voor de deur stond kon je de rook al ruiken. Daarnaast at ze heel ongezond. Mijn hemel wat was ze eigenwijs. Ze kón wel lief zijn. Haar kat was haar alles. Naar Poes was ze altijd lief. Poes kreeg al 18 jaar lang iedere avond een schoteltje vol met slagroom. Poes was nog het enige in haar leven waar ze lief voor was.

Wat ik nooit meer zal vergeten was de avond dat ik chinees had gehaald voor ons samen. De overbuuf had mij verteld dat ze vroeger regelmatig bij de chinees ging eten met haar man. Haar man die al jaren geleden overleden was. Het was al tientallen jaren geleden dat ze voor het laatst chinees eten op had. Ze vond dat altijd zo lekker vertelde ze mij. Ik stelde haar voor om chinees te halen. Ze vond het een prima plan. Ik heb genoten van het kijken naar de overbuuf die chinees aan het eten was. De mie ging niet alleen in haar mond maar belandde ook op haar schoot en een deel bleef op haar kin hangen. Ze vond het eten heerlijk en ik vond het fantastisch om haar zo te zien genieten.

De overbuuf kon steeds minder. In het begin kon ze nog wat lopen met haar looprek. Dat ging steeds slechter. Toen kwam ze in de rolstoel terecht. Samen met een andere vrouw en een neef van de overbuuf deed ik de mantelzorg voor de overbuuf. Ruim een jaar lang liep ik iedere avond naar de overkant van de straat. Dan moest de overbuuf van de keuken naar de kamer gebracht worden. Haar pillen lag ik klaar en ik schonk haar glaasje drinken in voor die avond. Soms bleef ik voor een praatje en soms was ik zo weer weg. Het gebeurde namelijk ook regelmatig dat ik overdag gebeld werd door de overbuuf. Dan wilde Poes naar binnen of naar buiten en ging ik de deur voor Poes open doen. Vaak hadden we dan al een praatje gemaakt.

Op een avond merkte ik dat de gezondheid van de overbuuf hard achteruit ging. Ik belde haar neef om dat te vertellen. Er is die nacht gewaakt bij haar. De volgende dag liep ik gelijk naar de overkant toen ik uit mijn werk kwam. Ik zag de overbuuf in haar stoel hangen. Ze ademde zwaar en ze zag er vreselijk slecht uit. Dit was de laatste keer dat ik haar in leven heb gezien. Ze is een aantal uren later overleden.

Het loopje naar de overkant heb ik nog een paar maanden iedere dag gemaakt. Poes leefde namelijk nog en moest verzorgd worden. Poes zou ook niet lang meer leven gezien haar leeftijd en gezondheid. Poes is een paar maanden na het overlijden van de overbuuf in het huis op de stoel waar ze altijd lag ingeslapen. Ik heb de dierenarts aan huis laten komen en was erbij om Poes vast te houden. De overbuuf en Poes zijn bijna 2 jaar lang iedere dag in mijn leven geweest. Ik heb de overbuuf en Poes nog maandenlang gemist.

De oudere mevrouw in het vluchtelingenkamp

Toen ik wakker werd was ik al zenuwachtig want vandaag ging ik voor het eerst naar een vluchtelingenkamp. Één van de vluchtelingenkampen die we deze week zouden gaan bezoeken, in het land wat verscheurd was door een jarenlange oorlog. Onze tolk, die ook onze chauffeur was reed ons door de grijze grauwe stad heen en ik voelde die donkere zware deken van mij afglijden toen we de stad achter ons lieten. Ik had geen idee hoe zo’n vluchtelingenkamp eruit zou zien of hoeveel mensen er zouden wonen.

Mijn leven had tot nu toe vooral bestaan uit depressief zijn, weinig ondernemen omdat ik nergens heen wilden en Oprah kijken op tv in de hoop dat ik dan ineens een leven kreeg wat wel leuk en opgewekt was. Ik was best streng opgevoed en mijn ouders waren niet van die avonturiers. Verre vakanties zat er bij ons thuis niet in want dat konden mijn ouders niet betalen. Daarnaast is op vakantie gaan niets voor mijn ouders. Die vinden een dagje Efteling al heel wat. Toen iedereen van mijn klas op donderdagavond altijd naar de stad mocht, want dan was het koopavond en “the place to be”, zat ik thuis want ik mocht niet met de rest mee. Ik vond dat altijd vreselijk. Ik was de enige die niet mee mocht. Hunkerend luisterde ik dan de volgende dag naar de verhalen en hoopte, tegen beter weten in, dat ik de volgende koopavond misschien ook wel naar de stad mocht. Veel avonturen had ik dus nog niet beleefd toen ik daar in de auto zat en op weg was naar een vluchtelingenkamp.

Er was ons verteld dat de mensen in het vluchtelingenkamp wisten dat we zouden komen en dat ze waarschijnlijk al stonden te wachten als we aan kwamen. Iedere maand ging er een groepje van 3 a 4 mensen zoals wij, reikibehandelaars, naar Bosnië. Die groep ging dan ook naar de stad die bedekt werd door de donkere zware deken, Tuzla en bezochten de verschillende vluchtelingenkampen in de omtrek om de mensen die daar verbleven een reikibehandeling te geven als men dat wilde. Er werd steeds gretig gebruik van gemaakt was ons verteld. Ik was gespannen en enorm nerveus.

Het vluchtelingenkamp zag er uit als een zwaar verwaarloosde woonwijk. Het stond vol met dezelfde gebouwen en in ieder huis verbleven minimaal 3 tot 4 gezinnen. Gewoonlijk zou er 1 gezin wonen. Er was geen elektriciteit en het was koud, ijskoud. We werden naar één van de gebouwen gereden en we gingen een soort huis in. Er was geen kachel waardoor het binnen net zo koud was als buiten.

Er waren al verschillende mensen bij ons geweest toen er een hele oude mevrouw naar binnen werd geholpen. Ze kon niet zelfstandig lopen. Aangezien ik net klaar was met de reiki behandeling bij iemand werd de oudere dame voor mij op een stoel gezet. Er liepen tranen over de wangen van de oudere dame. Het waren geen tranen van verdriet maar van de kou en de ouderdom heb ik mezelf altijd voorgehouden. Ik veegde de tranen met mijn handen weg en toen voelde ik hoe koud ze was. De oudere mevrouw keek mij niet aan en vertoonde verder geen emotie of zocht geen oogcontact. Heel voorzichtig plaatste ik mijn handen op haar schouders om haar reiki te gaan geven. Ik concentreerde me zo goed mogelijk maar hoe ik mijn best ook deed ik voelde absoluut niets in mijn handen. Gewoonlijk voelde ik duidelijk de energie door mijn handen lopen, werd het heel warm onder mijn handen maar er gebeurde helemaal niets. Ik probeerde de energie met mijn gedachte haar lichaam in te duwen. Visueel kon ik het allemaal bedenken maar het hielp voor mijn gevoel echt niet. Verschillende keren heb ik tranen weggeveegd van het koude oude gezicht zonder dat de oudere vrouw mij enig teken gaf of emotie liet zien. Ik heb de reikibehandeling zo goed en zo kwaad mogelijk afgemaakt.

Na de behandeling van de oudere vrouw was ik gefrustreerd en werd boos en verdrietig tegelijk. Wie dacht ik wel niet dat ik was om even naar Bosnië te komen met mijn bijna nul aan levenservaring. Te bedenken dat ik daar wel eens mensen kon gaan helpen die helemaal niets meer hadden. Die in een oorlog de vreselijkste dingen hadden meegemaakt. Mijn zelfvertrouwen was op dat moment compleet verdwenen en ik wilde niet meer verder gaan. Het enige wat ik wilde was naar huis. Ik was compleet gedesillusioneerd en het vertrouwen in de reiki was verdwenen. De twee dames met wie ik deze week in Bosnië verbleef probeerden mij te bedaren. Waarom zou deze oudere mevrouw zich helemaal naar ons laten brengen als ze er niets aan zou hebben? De tolk had ons al verteld dat ze er steeds was als er reikibehandelaars naar het vluchtelingenkamp kwamen. Waarom zou ze helemaal naar ons toe komen als ze er niets aan had? Ik kon er geen antwoord op geven.

Nadat ik wat bedaard was heb ik nog reiki aan andere mensen gegeven. De energie voelde ik toen wel. Waarom ik de energie niet voelde bij de oudere dame weet ik niet, dat vraag ik me nog steeds af. Ik weet wel dat ik daar in dat vluchtelingenkamp ineens weer met beide benen op de grond stond. Daar op dat moment is er iets met mij gebeurt wat ik nog steeds niet kan omschrijven. Ik weet dat ik toen veranderd ben, dat ik toen gegroeid ben als mens. Ik zal de oudere mevrouw mijn leven lang met mij mee dragen. Het was een zeer bijzondere ervaring